Vladslo

‘Dan kraakt mijn land, mijn vlakke land.’ Deze regel uit Jacques Brels ‘Mijn Vlakke Land’ komt in me op als ik door de poort loop. Het was even zoeken naar de Houtlandstraat, even buiten Vladslo. Hier bevindt zich de Deutscher Soldatenfriedhof waar tijdens en kort na de Eerste Wereldoorlog welgeteld 25.638 jonge Duitse mannen hun laatste rustplaats vonden. Jonge mannen die vochten in de Grote Oorlog en door hun bevelhebbers naar Vlaanderen werden gestuurd waar ze stuitten op geallieerde troepen en weken, ja soms zelfs maanden, in loopgraven bivakkeerden. Allemaal wachtend op een wisse dood.

Passendale

Het wemelt van de oorlogsbegraafplaatsen in dit stukje ‘Vlaanderenland’. Soms hele kleintjes, verstopt in een dorpskom of naast een bos waar slechts enkele tientallen militairen rusten. In een ander geval hele grote, zoals Tyne Cot, de Britse begraafplaats aan de Vijfwegestraat in Zonnebeke. Op deze plek, dichtbij het in 1917 compleet verwoeste dorpje Passendale, zijn 20.000 geallieerde militairen begraven.

Bijna de helft van de zerken draagt geen naam. ‘A soldier of the Great War. Known unto God’ staat erop. Anoniem gevallen in de zinloze slag om Passendale en de grimmige strijd om de dichtbij gelegen stad Ieper. Op drukke dagen is het hier een komen en gaan van ‘slagveldtoeristen’. Met busladingen tegelijk worden ze aangevoerd en wandelen ze langs de zerken.

Bloemstukken, kruisjes en bidprentjes met een pasfoto en drie woorden - ‘Don’t Forget Me’ - laten zien dat veel families hun gevallen zonen ook meer dan honderd jaar later niet vergeten.

Gedoofd in de regen

Zo druk als het kan zijn bij Tyne Cot, zo stil is het vandaag aan de Houtlandstraat, even buiten Vladslo. Er is niemand. Voorbij de poort kom ik op een schaduwrijke dodenakker waar op elke grafsteen de namen van minstens tien jonge Duitse soldaten zijn gebeiteld. Verspreid in het gras staan links en rechts twee kruizen, verweerd, met mos begroeid. Ook deze jongens worden niet vergeten. Ik ontdek links en rechts een verwelkt bosje bloemen en zie een waxinelichtje dat al even niet meer brandt. Gedoofd door de regen die hier veel vaker lijkt te vallen dan elders.

Ik kom bij de beeldengroep die mijn doel is van dit bezoek. Helemaal achteraan op deze begraafplaats staat het ‘Treurend Ouderpaar’. Twee granieten beelden die een intens verdrietige vader en moeder laten zien, wenend om de dood van hun zoon. De beelden zijn gemaakt door Käthe Kollwitz-Schmidt (1867-1945), een kunstenares die werd geboren in Königsberg (nu: Kaliningrad) en in Berlijn naar de tekenschool ging. Ze volgde ook schilderlessen, ging beeldhouwen en liet zich inspireren door de opkomende sociaaldemocratie en de vrouwenbeweging. Haar kunstwerken zou je sociaal geëngageerd kunnen noemen.

Ontroostbaar zijn ze

Het ‘Treurend Ouderpaar’ verbeeldt Käthe en haar man Karl, die het verlies van hun tweede zoon Peter bewenen. Peter had vrijwillig dienst genomen bij de Wehrmacht en kwam op 23 oktober 1914 om in het naburige Esen, een dorpje vlakbij Diksmuide waar in 1914-1918 aan de oevers van de IJzer voortdurend werd gevochten.

Ontroostbaar zijn ze om hun Grote Verlies. Het beeld van Karl laat een gebroken vader zien, handen gekruist over de borst, de lege blik gericht op het graf van Peter dat voor hem ligt. Twee meter naast hem knielt Käthe. In gedachten hoor je haar zachtjes huilen, ook vandaag.

De waanzin van de oorlog

Ik lees in een folder over het leven van de beeldhouwster. Na de Eerste Wereldoorlog legt ze zich steeds vaker toe op grafisch werk waarin de waanzin van de oorlog werd verbeeld. De nationaalsocialisten verklaren haar kunst na de Machtübernahme in 1933 tot ‘entartet’. Haar baan als professor aan de Kunstacademie moet ze opgeven.

In 1940 overlijdt echtgenoot Karl. En twee jaar later slaat opnieuw het noodlot toe als kleinzoon Peter – Käthe’s eerste zoon Hans heeft hem naar zijn gesneuvelde broer genoemd – sneuvelt aan het Russisch front. Op 22 april 1945, enkele dagen voordat de Tweede Wereldoorlog eindigt, sterft Käthe.

Haar werk is grotendeels bewaard gebleven. Veel bronzen beelden werden door de nazi’s omgesmolten tot wapentuig, maar de mallen bleven gelukkig bewaard. Na de oorlog zijn de meeste sculpturen opnieuw gegoten en verzameld in het Käthe Kollwitz Museum in Berlijn.

En de stilte is oorverdovend…

Maar Berlijn is ver, hier aan de Houtlandstraat, even buiten Vladslo. En de stilte is oorverdovend. Een ouderpaar treurt om haar overleden zoon. Zittend op een verweerd stenen bankje ontdek ik dat schrijver, dichter en liedjesschrijver Willem Vermandere een prachtig lied schreef over deze Deutscher Soldatenfriedhof. Om stil van te worden...

‘Op dat massagraf van soldaten,
Staan nu Käthe Kollwitzs beelden,
Van god en mens verlaten
En ik ken geen heviger wereld,
Geen menselijker bede,
Dan die twee donkere stenen,
Die zo diepe schreien om vrede.’

(Foto: Marc Cleutjens, 2019)


Nieuwste Blogs

Nantillois

Geplaatst op

Pascal Guyot

Geplaatst op

Hanover Quay

Geplaatst op

Vladslo

Geplaatst op

Nebraska

Geplaatst op

Hoogmis

Geplaatst op

Lána Anna

Geplaatst op

Wattman

Geplaatst op

Eendenzilver

Geplaatst op

'Een flinke, knappe, sportieve kerel'

Geplaatst op