Terug naar de Huisvennen van 1944...

,,Laat het regenen! Ik wil ondergaan wat mijn opa hier heeft beleefd.” John Ginger (49) knielt in de stromende regen in een van de kuilen dichtbij het Meeuwenven in de Kampina. Zijn opa Mervin Emery Stomberg (1919-2006) was een van de bijna honderd Airbornes die hier 75 jaar geleden wekenlang ondergedoken zat. John is met moeder Wanda (73) en tante Susie (68) - twee dochters van de Airbornesoldaat - naar Boxtel gekomen om alle plekken te zien waar Stomberg verbleef. ,,Zonder de hulp van de Boxtelse gemeenschap hadden wij hier niet gestaan.”

Diep verscholen tussen de Huisvennen in de Kampina hielden zich in september en oktober 1944 Amerikaanse en Britse Airbornes schuil. Ze waren tijdens de operatie Market Garden vroegtijdig geland of neergestort met hun Waco-zweefvliegtuigen en werden opgevangen door lokale verzetsmensen. Stomberg was een van hen. Hij was een van de bemanningsleden van zo’n glider en landde op 23 september 1944 in een weiland aan de Mijlstraat net buiten Lennisheuvel. De in Peoria (Illinois) geboren soldaat raakte daarbij ernstig gewond aan het hoofd.

De bemanningsleden van de glider hielden zich enkele dagen schuil in een kletsnatte sloot. Stomberg moest vanwege zijn verwondingen verpleegd worden en vond onderdak in boerderij 'De Verwachting' in het Kinderbos. Later werd hij verpleegd in de woning van de weduwe Van Zeeland aan de Molenstraat. Toen het ook daar te riskant werd, werd de Amerikaan door verzetsmensen naar de Kampina gebracht. Onder hen waren Roel Dekker en diens verloofde Zus van Zeeland.

GRANAATSCHERVEN

,,Mijn opa werd tijdens de noodlanding in september 1944 geraakt door granaatscherven”, vertelt kleinzoon Ginger. ,,Waarschijnlijk is het zweefvliegtuig geraakt of ontplofte een granaat dichtbij. Hij werd geraakt in het achterhoofd en zou de rest van zijn leven rondlopen met granaatscherven in het hoofd.” Dankzij adequate verzorging door verzetsmensen en medische hulp van huisarts Hoek herstelde Stomberg voorspoedig en kon hij naar de veilige Kampina vervoerd worden.

En die plek bezocht kleinzoon Ginger vrijdag 18 oktober met zijn echtgenote Sherry (54). Ook zijn moeder Wanda en tante Susie met echtgenoot Jim (73) maakten de reis naar Boxtel. ,,Onze zoektocht naar de oorlogsbelevenissen van Mervin startte een klein jaar geleden”, aldus Susie. ,,Mijn vader vertelde weinig over de oorlogsjaren.” Wanda knikt: ,,Als we ernaar vroegen zei hij altijd hetzelfde: ‘You don’t wanna know’.”

Toen de familie stuitte op de ijzeren naamplaatjes van hun vader en zijn naam op Google werd ingetoetst, dook het boek ‘Kampina Airborne’ van historicus Peter van der Linden op. De Oisterwijker schreef een boek over de gebeurtenissen in de Kampina in 1944 en besteedt hierin veel aandacht aan de Airbornes die in het Boxtelse natuurgebied werden opgevangen. Al snel werd contact gelegd met Van der Linden, die als gids optrad en de nazaten van Stomberg liet kennismaken met deze bijzondere geschiedenis.

De auteur kreeg steun van Boxtelaren Roel Manders en Hans Dekker, die de Amerikaanse delegatie ook meevoerden naar het verzetsmonument aan het Verzetslaantje en het gedenkteken aan de Mijlstraat.

DIEP VERSCHOLEN

Als de tocht naar de Huisvennen begint, valt de regen met bakken uit de hemel. ,,Helemaal niet erg”, vindt Stombergs kleinzoon Ginger. ,,Ik weet dankzij oude foto's dat de weersomstandigheden destijds ook niet al te best waren. Om écht te kunnen ervaren hoe het voor hem moet zijn geweest, is het juist goed dat het regent.” De wandeling naar de diep verscholen plek aan het Meeuwenven duurt een dik halfuur. Eenmaal ter plekke overheerst de stilte. Dit is de precieze locatie waar Stomberg met pakweg honderd andere Airbornes zes weken lang bivakkeerde. Bijna dagelijks werden de militairen voorzien van voedsel, kleding en slaapzakken om te kunnen overleven.

In dit wat hoger gelegen bos- en heidegebied zijn de sporen uit de herfst van 1944 duidelijk zichtbaar. Links en rechts bevinden zich kleine schuttersputjes en kuilen die fungeerden als uitkijkpost. Historicus Van der Linden laat ook de grotere kuilen zien, die dienst deden als ‘dining room’ en living room’. Het zijn met mensenhanden gegraven gaten van 10 tot 20 vierkante meter groot waar de geallieerden de tijd doorbrachtten. Stomberg was een van hen...

Kleinzoon John en dochters Wanda en Susie zijn geëmotioneerd. Hier in de Kampina bivakkeerde zijn opa en hun vader. De ijzeren naamplaatjes worden langdurig vastgehouden, omklemd, gekoesterd. ‘Mervin is dichtbij nu’, zeggen de familieleden in koor. En als John knielt, dwarrelt een klein dennentakje van de boom. Het landt zachtjes op zijn rechterschouder. ,,Het zou een teken kunnen zijn”, mijmert Stombergs kleinzoon ontroerd. ,,Op deze plek besef ik meer dan ooit dat wij hier zonder de hulp van de mensen in Boxtel nooit hadden gestaan.”

UNIFORMJAS

Daags na de Huisvennentocht droeg de familie van Stomberg een uniformjas over aan museum MuBo in Boxtel. Samen met een oorkonde, een portretfoto en een Amerikaanse vlag vult de jas een vitrine in de tentoonstelling ’Boxtel in de oorlogsjaren 1940-1944’. Als die expositie begin november ten einde is, wordt de uniformjas opgenomen in de vaste collectie van MuBo.

Zo blijft Mervin Emery Stomberg voor altijd verbonden aan Boxtel. En Boxtel aan een van zijn Amerikaanse bevrijders...

OP DE FOTO: De Airborne-schuilplaats in de Kampina. Van rechts naar links John Ginger, Wanda Smith, Susie Sherman, Peter van der Linden, Sherry Ginger en Jim Sherman. (Foto: Marc Cleutjens, 18 oktober 2019).