Betty

Mijn eerste kennismaking met New York moet het concert in Central Park zijn geweest, van Paul Simon & Art Garfunkel. Rechtstreeks uitgezonden op tv in september 1981, later verschenen op dubbelelpee. Dat ene zinnetje, uit ‘A Heart in New York’, is me altijd bijgebleven. En ik nam me voor het te neuriën als ik er ooit eens zou komen.

‘New York, to that tall skyline I come, flyin' in from London to your door’

Precies 37 jaar later - ook in september - vloog ik in een Boeing 757 over New York. Ontelbare lampjes in de duisternis beneden. In de verte de wolkenkrabbers van Manhattan, te donker om Central Park te zien. Onderweg naar de stad van mijn dromen.

Maar ook de stad van 9/11. Want die gebeurtenis, in september 2001, staat in het geheugen gegrift. En op reis naar New York moest ik daar vaak aan denken. Icelandair hielp een handje en bood onderweg in het entertainmentprogramma het verzameld werk van Bruce Springsteen aan. En als je dan toch naar New York vliegt, moet je ‘The Rising’ draaien.

Hét album over 9/11. Springsteen schreef er kort na de aanslagen veertien aangrijpende liedjes over. Hij belde met brandweermannen wier collega’s het leven lieten. Ontmoette weduwen van huisvaders die nooit meer thuis kwamen. Stuk voor stuk liedjes over rouw en verlies, maar ook hoop en vertrouwen. Zachtjes huilen met ‘You’re Missing’.

‘You're missing when I shut out the lights

You're missing when I close my eyes

You're missing when I see the sun rise

You're missing’

New York is de stad van 9/11. Natuurlijk op Ground Zero, waar twee immense vierkante vijvers herinneren aan de plek waar ooit de Twin Towers van het World Trade Center stonden. Overdag een drukte van jewelste, met selfies makende toeristen. Overal zie je de Freedom Tower, kolos van beton en staal, symbool van veerkracht.

Als de avond valt op Ground Zero, is er de stilte. De contouren van die ene boom die het hellevuur overleefde, de serene rust rond Saint Paul’s Chapel. Het oudste bouwwerk van Manhattan (1766) bleek bestand tegen de instortende wolkenkrabbers: ‘The Little Chapel That Stood’.

Gedachten gaan terug naar 9/11 als ik rond de vijvers loop en de meer dan vijfduizend namen van alle slachtoffers in me opneem. Mijn oog valt op Betty Ann Ong. Bij haar naam een pasfoto. Twee rozen. Blauwe bloemetjes. Een Amerikaans vlaggetje dat wappert in de wind.

Betty was stewardess aan boord van American Airlines vlucht 11, het eerste vliegtuig dat werd gekaapt. Het was Betty die vanuit het vliegtuig naar de autoriteiten belde. Alarm sloeg. En 25 minuten aan de lijn bleef, tot…

Betty’s naam leeft voort. Niet alleen op Ground Zero, maar ook in Chinatown in San Francisco waar ze opgroeide. Een klein park en een gemeenschapshuis dragen haar naam. En vandaag zie ik haar stralende portret. Tussen de namen van al die anderen. John A. Ogonowski, Madeline Amy Sweeney, Kathleen Ann Nicosia.

9/11 is nooit ver weg. In Greenwich Village zijn de namen van zeven brandweerlieden in het cement gekerfd. Ze behoorden tot het 18e squadron van de brandweer. ‘Never forget: Billy, Eric, Andy, Manny, Timmy, Larry, David’. Een monument siert de kazerne aan West 10th Street. En een brandweerauto op Broadway draagt fier de namen van captain James Corrigan, Gregg Atlas, Stephen Harrell, Paul Pansini, Jeffrey Olsen en Sean Tallon. 'In loving memory'.

Luisteren naar Bruce Springsteens ‘The Rising’ zal nooit meer hetzelfde zijn. Nog een laatste blik op de stad als ik New York een week later verlaat. De avond valt, het is weer donker als ik huiswaarts keer. Ergens daar beneden ligt Central Park. En ik zing:

‘A heart in New York, a rose on the street

I write my song to that city heartbeat

A heart in New York, love in her eye,

an open door at a friend for the night’